Close menu
Een mier in een wereld van reuzen
Cover-artiest Roy van Wezenbeek

Tekst: Edwin Timmers
Foto: Teis Albers / @T.R.ALBERS

Een mier in een wereld van reuzen

Heb je bij Ikea wel eens een boek uit de kast gehaald en ingekeken? Indien ja, dan heb je kunnen vaststellen dat het geen boeken zijn, maar kartonnen doosjes met een bolle zijkant. Lege boeken, die men ‘dummies’ pleegt te noemen; De Slegte verkocht ze ooit met fraaie kaft en met onbedrukte pagina’s. Roy van Wezenbeek noemt de schriften waarin hij zowat elke avond tekent dummies. Een flinke stapel reeds. Hetgeen hij aan het papier toevertrouwt, komt niet voort uit een plan. Hij noemt het hersendiarree. Mocht het al betekenis hebben, dan is het pas achteraf. In die zin zijn de dummies van Roy lege boeken. Maar dan spelen we met woorden, want Roy’s dummies zijn prachtig.

De voordeur van Roy’s atelier­woning niet ver van Tilburg Centraal grenst aan de stoep. Op het moment dat de deurbel klinkt, opent Roy de deur. In zijn kielzog komt Bennie aanwandelen, een Alpenländische Dachsbracke, een variatie van de bassethond. Bennie snuffelt even ter kennismaking. Zo’n tien minuten later loopt Roy de trap op naar het woongedeelte van de atelier­woning om koffie te zetten en kijk ik, gezeten aan de werktafel, de ruimte rond. Bennie slaapt. Tegen een muur staat een zak hondenvoer van Royal Canin, 15 + 3 kg gratis. Dat is een detail en details zijn belangrijk in het werk van Roy.

Dat Bennie een Alpenländische Dachsbracke is, ontdekte Roy pas later. “Bennie was gewoon onze hond uit Bosnië,” zegt hij. In Bosnië heette Bennie nog Benyo. Die naam vonden Roy en zijn vriendin Kelly teveel lijken op Benno Larue, de veroordeelde pedoseksueel. Het geval Larue kent Roy van het nieuws, een fenomeen dat hij slechts mondjesmaat consumeert. Veel nieuws stemt hem droevig, of erger, bevriest zijn gemoed. “Ik ben een gevoelige jongen,” geeft hij te kennen. Later in het gesprek wint die opmerking aan diepte als hij zichzelf een lopende spons noemt. Zijn zintuigen blijken open zenuwen te zijn, de wereld werkt ongefilterd op hem in. Gaandeweg heeft hij die gevoeligheid als gereedschap leren zien.

Bennie opent een oog en laat het weer dichtvallen. Hij kwam goed weg. Als Kelly en Roy hem niet hadden geadopteerd, dan was ‘the big sleep’ zijn lot geweest, het lot van de ongebonden straathond. Roy bracht in zijn jonge jaren ook veel tijd op straat door, niet op zoek naar voedsel, wel voor spanning, vertier en kunstzinnige expressie, als skateboarder, graffiti-kunstenaar en muziekliefhebber. De DIY-cultuur naar Amerikaans voorbeeld heeft hem gevormd. 
Is Straycat, de naam waaronder hij artistiek actief is, een verwijzing naar zijn onderdompeling in de straatcultuur? Lichtjes tuit Roy zijn lippen. Zo had hij het nog niet bekeken. Hij lacht en zegt: “Ik ben allergisch voor katten”, denkt vervolgens diep na en komt met: “Struinen in de nacht.” Het verkennen van het donker. Dat doet hij, ofschoon veel van zijn werk bijzonder kleurrijk is. Ga naar 
www.studiostraycat.nl om een indruk van zijn werk te krijgen. Doe het maar meteen, dat praat gemakkelijker. De website deelt het werk op in de tabbladen WORK en OTHER. Onder het tabblad WORK zit opdrachtwerk, voornamelijk concertposters en onder OTHER vind je zijn vrije werk. “Ik ben een muziekliefhebber”, zo begint Roy zijn verhaal over de concertposters. “Ik was altijd al een muziekliefhebber. Toen ik nog in Waalwijk woonde, verzamelde ik van die hardcore/gabber-flyers, die ik bij de lokale cd-winkel oppikte. Ik hing ze aan de muur van m’n slaapkamer. Ik ging zelf flyers ontwerpen en bedacht de bandnamen daarvoor ook zelf. Ik wist heel weinig van grafisch werk. Dat heb ik mezelf allemaal moeten aanleren. Op zeker moment ben ik die flyers naar zalen gaan opsturen en daar zijn de eerste opdrachten uit voortgekomen.”

MG 0277 zw

Als lopende spons fotografeert Roy dingen die zich aan hem opdringen. Dat kan op straat gebeuren of in de kringloopwinkel. Dergelijke foto’s gebruikt hij als bronmateriaal. Ander bronmateriaal is veelal analoog, zoals tekeningen die hij zelf maakt en letters en logo’s die hij zelf ontwerpt, maar ook scans van beeldmateriaal uit oude boeken en scans van dingen die hij letterlijk op straat vindt. Alles gaat de blender in die Photoshop heet. “Soms heb ik wel tachtig lagen openstaan en soms werk ik aan wel zeven posters tegelijk. Dat vind ik erg leuk om te doen. Buiten de opdrachten om maak ik trouwens ook posters, gewoon, om dingen te maken.”

Voordat we naar zijn vrije werk onder het tabblad OTHER gaan een relevant uitstapje naar zijn werk als meubelrestaurateur. “Dat begon als bijbaantje na de middelbare bij een meubelmaker in Waalwijk. Daar heb ik veel geleerd, maar daar heb ik ook gezien waartoe ambachtsmannen in staat zijn. Ik heb altijd heel erg tegen ambachtsmannen opgekeken.” Dit ‘opkijken tegen iemand’, zou dat een wezenstrek van Roy zijn? Hij knikt instemmend: “Ik voel me wel een mier in een wereld van reuzen.” De wereld is een overweldigend gebeuren. Roy bezwijkt er niet onder, maar voor een zelfverklaard miertje dat ook nog eens een lopende spons is, kunnen de opgezogen indrukken wel eens wat zwaar worden. Die indrukken moeten er in welke vorm dan ook uit en daarmee arriveren we bij zijn vrije werk dat nogal eens bij de dummies begint en daaruit ontspruit. Dat opnemen van indrukken en het noodzakelijk weer uitscheiden ervan, haakt aan bij wat hij later over zijn kunstenaarschap zal zeggen: “Of ik een kunstenaar ben? Ja, ik heb het nodig om te overleven.”

Als je even zoekt, vind je onder het tabblad OTHER het werk ‘My thoughts take a run with me like wild horses’. Daar gaan we het even over hebben. In het midden vliegt een propellervliegtuigje. De enorme hoeveelheid tekst in het werk staat op een banner die het vliegtuigje in een maalstroom achter zich aan trekt. De teksten lijken deels flarden die zo van straat geplukt zijn, zoals: ‘ELEVATOR BLUES / UNBEARABLE LIGHTNESS / COME ON IN / RETURN TO ME / CARSEATS ON FIRE / THROAT EGGS / TRAFFIC / PEA’; andere flarden, in spiegelschrift, lijken hartenkreten, zoals: ‘I / WISH / IT / WAS / CLEAR / IN / MY / HEAD / FOR / ONCE / IT MAKES LIFE MORE FUN’. De vorm waarin tekst in het werk gegoten is, doet denken aan bepaalde werken van outsider artist Willem van Genk. Bij het horen van die naam veert Roy op. Hij is een groot liefhebber van Van Genks werk en noemt zichzelf een outsider. Dat zal waar zijn, zeker als Roy zichzelf zo duidt, maar toch even inzoomen op de term outsider art. Nooit wordt dergelijke kunst los gezien van de psychiatrie dan wel psychiatrische problematiek. Evengoed bekijk je outsider art als kunst die niet aanhaakt op het discours, als kunst die niet noodzakelijk reflecteert op de kunsthistorie en het (filosofische) denken over kunst. Outsider art heeft vaak een sterk compulsieve component. “De ratio uitzetten”, zegt Roy op enig moment. “Ik wil gewoon maken, maken, maken. Dwangmatig pagina’s vol maken.”

0 E8 A0300 sm

“Kotsen op papier. De teksten komen op wanneer ik over het papier aan het ‘roamen’ ben. Ik denk nooit na, heb nooit een idee van wat ik ga maken. Als ik teveel vanuit een plan werk, dan wordt het werk vaak niet goed. Als ik tegen mezelf zeg ‘nu ga ik naar mijn atelier en nu moet het gebeuren’, dan gebeurt het niet.”

“Ik vond de kunstacademie klote, dat conceptuele. Ik heb geen hekel aan conceptueel werk – een vriend van me maakt prachtig conceptueel werk – maar het is niet mijn manier. Ik was eigenlijk helemaal niet gelukkig op de academie. Misschien zet ik me in mijn werk een beetje af tegen die tijd. Ik heb geen zin om de betekenis er op te leggen. Betekenis komt achteraf, misschien. Ken je de band Sparklehorse? De songschrijver ervan, Mark Linkous, zei ooit in een interview dat het schrijven van liedjes voor hem pas iets werd toen hij het idee om een rockster te worden liet varen. Loslaten van de verwachting.”

Het maffe is dat het loslaten in Roy’s werk sterk voelbaar wordt als hij terugkerende motieven uit zijn fotoarchief of zijn dummies opnieuw oppakt en daar omheen nieuwe contexten of werelden schept. Die werken loeien bijna van betekenis die er niet is ingelegd, maar door het botsen van de afzonderlijke elementen opklinkt in het hoofd van de kijker. Het viel Roy op dat hij in een periode meer dan eens rode stoplichten in zijn dummies had getekend. Dat element besloot hij op te pakken en liet het gisten met andere dingen uit de dummies die tot hem spraken. Het resulteerde in even ongrijpbare als fascinerende tekeningen als ‘Yearning’, ‘No way to last out here like this for long’ en  ‘Lately in another time’. Heb je geen zin om op titel te zoeken in de tekeningen onder het tabblad OTHER, zoek dan op de volgende beeldelementen: stoplichten met petjes op, devoot knielende sigaretten en peuken, rokende potloodstompjes, roodgloeiende muren en groene, blauwe en rode autokerkhoven. Als je deze dingen hebt gevonden, zul je zien dat ze vervormd en dus herboren als iets anders in weer andere tekeningen opdoemen. Wat je ziet, kan iets zijn, maar het is het niet. Rationaliteit vangt bot en langzaam stroom je vol en ga je gloeien.

Terug naar overzicht

Deel dit artikel

Lees ook deze:

Hou mij op de hoogte!

Laat mij weten wanneer een nieuwe editie beschikbaar is.