Tekst: Edwin Timmers
Foto: Evie Rademakers
Grandad is overtuigd ongrijpbaar
Een kwisvraag voor wie nog nooit iets gehoord of gezien heeft van de band Grandad: hoe stel je jezelf hun muziek voor? Je mag er één minuut over nadenken. De tijd gaat nu in. Ondertussen maken we alvast bekend dat Silver Lovely de bassist en leadzanger is, Jop Fränzel de gitarist, Flor Peters de saxofonist en Julian Noomen de drummer. Ze repeteren elke zondag in een gezichtloos bedrijfspand op een industrieterrein in Arnhem, zo ook deze zondag. Zonder de aanwijzingen van Jop had ik hen nooit gevonden.
Bedrijfspanden zijn flexibel van aard, ze passen zich aan aan het goeddunken van de gebruiker. Het ene jaar dient het pand als opslagloods voor meuk uit lagelonenlanden, het andere jaar fungeert het als timmerwerkplaats. Met een paar nieuwe wandjes deel je de ruimte op tot een bedrijfsverzamelgebouw óf tot een labyrint van oefenruimtes en andere creatieve werkplekken. Sloop de wanden er weer uit en je hebt een stalling voor brandweerauto’s of luxe jachten. Stel jezelf het fenomeen muziek voor als zo’n bedrijfspand, als een flexibele ruimte die je naar eigen hand zet. Grandad verplaatst permanent wandjes, figuurlijk. Sommigen noemen hun muziek grungepunk, anderen prefereren jazzrock. Hun muziek is hard, maar zeker niet altijd. Ze spelen retestrak, maar je hoort mensenwerk. Hoor ook hoe de stem van Silver van wanhoop druipt op een instrumentale begeleiding die beelden van de goot oproept en een paar tellen later keihard van zich afbijt te midden van een razende horde waarin de band plotsklaps veranderd is. In een oogwenk van natte zwerfhond naar woeste wolf. Bewijs nodig? Verwen jezelf met het schitterende Crows (A Song Of Life). Grandad is beweeglijk en veranderlijk, een vuurbal, en wil, zoals even later blijkt, ongrijpbaar zijn. “Zelf zijn we het avantgarde-rock gaan noemen,” zegt Jop, “want dat houdt het open.”
Gordijnen en kleden tegen de wanden, tapijt op de vloer en overal versterkers en instrumenten. We zitten in een kring in de repetitieruimte, nippend aan een bekertje koffie. Avantgarde, letterlijk voorhoede, van oorsprong een militaire term. De voorhoede gaat voorop, de achterhoede volgt. De voorhoede betreedt en verkent als eerste onbekend terrein. “Onze nieuwe ep verschijnt in april,” zegt Silver, “en die is weer heel anders dan Porcelain, onze debuut-ep, die Waaghals op vinyl uitbracht. Dat kun je al horen op Elephant, de eerste single van de nieuwe ep die sinds vrijdag op de streamers staat. Dat nummer begint met een beat die van een dancetrack zou kunnen zijn. Ook is de rol van Flor, de saxofonist, veel groter.”
Flor haakte zo’n anderhalf jaar geleden aan, waarmee de droom van Julian en Silver, een sax erbij, werkelijkheid werd. Jop sloot zich een jaar eerder aan. “Toen gingen we de kant op waar we nu zijn,” zegt Julian, die al zo’n zeven jaar muziek maakt met Silver. “In telkens wisselende bezettingen zijn we heel veel fases doorgegaan.”
Een oude man met een accordeon op schoot en een kleinkind aan zijn voeten? Bij een bandnaam als Grandad verwacht je niet wat het viertal brengt. “Dat is anders bij een bandnaam als Blood in the Streets,” zegt Silver. “Dan weet je meteen in welke hoek je de muziek moet plaatsen.” Middels kunst kun je verwachtingen breken door met conventies te spelen, en dat spel speelt Grandad graag. Zoals ze aan hun muziek sleutelen en schaven, zo doen ze dat ook met hun live shows. “Mensen komen om een show te zien en die show moeten wij hen dan geven,” redeneert Jop. “We kunnen wel meteen bij het eerste nummer compleet losgaan,” haakt Julian aan, “maar we willen de spanning opbouwen, een mysterie creëren.” Ze schrikken niet van een vergelijking van een live show met theater. “De opbouw of compositie van een live show kun je internaliseren door te repeteren,” gaat Julian verder. “En als het is geïnternaliseerd heb je alle vrijheid op het podium.” Silver roert zich tenslotte met de opmerking dat hun affiniteit met theater niet betekent dat hun podiumpresentatie nep is, of ‘ingestudeerd’: “Het is geen script, het gaat om creativiteit op alle vlakken, creativiteit in vormgeving.”
Julian maakte de plaathoes voor Porcelain. Centraal erop staat een parmantig gekapt figuur in een bloemetjesjurk in een tamelijk oubollig decor, de rechterhand onbeholpen aan het oortje van een koffiekopje op een schoteltje. Is het grandma op de hoes van Grandad? “Nee,” zegt Julian, “de basis is een foto van Flor, die zich voor de gelegenheid in een jurkje stak.” De hoes roept vragen op, precies wat de band wil. De platenkoper weet niet meteen wat hij uit de platenbak vist. Grandad wil zich niet in een hoekje laten duwen. Met wat speelsheid is de bandnaam ook te begrijpen als ‘grand ad’, als een ‘onovertroffen advertentie’. Oké, maar wat doet een ad? Een ad triggert het verlangen. En als je het verlangen triggert zonder een vastomlijnd product als object van dat verlangen, dan dient zich het mysterie aan. De band zegt een mysterie te willen creëren, maar is het niet zo dat het mysterie, dat lonkt in de openheid die ze voorstaan, de band creëert? Het mysterie als motor voor hun nieuwsgierigheid. Geen zuinige motor trouwens, want de energie spat ervan af, zowel op plaat als op het podium.